wat is mode nieuws opleidingen & cursussen presentaties vacatures e-cards quiz vragen links werkgevers/werknemers


 

Kijk op

Opleidingen

&

Cursussen.

Wat past
bij jou? 

 

 

 

Wat is het OOC-fonds
Scholingsbeleid
Activiteiten van het OOC-fonds
Het Bedrijfsopleidingsplan
ROS-subsidieregeling
De CAO

Het OOC-Fonds
Utrechtseweg 95 / Postbus 428
3702 AA  ZEIST / 3700 AK  ZEIST
Telefoon 030 - 232 09 10
Fax 030 - 232 09 09
ooc@oocfonds.nl

Wat is het OOC-fonds

Het OOC-fonds is de organisatie achter WAT MAAK JIJ ERVAN. Het OOC-fonds staat voor Opleidings- en ontwikkelingsfonds voor de Confectie-industrie en dat geeft goed de kern van onze activiteiten weer. Het OOC-fonds is in 1997 opgericht op initiatief van werkgevers- en werknemersorganisaties in de mode- en interieurbranche. Het OOC-fonds is het specifieke beleidsorgaan voor opleiding en scholing van de bedrijfstak confectie. Ze formuleert een integraal scholingsbeleid. De beleidslijnen worden zo veel mogelijk in concrete activiteiten omgezet.

Doelstelling van het OOC-fonds
De doelstellingen van het OOC-fonds zijn:

  1. het formuleren en vaststellen van het opleidings- en scholingsbeleid met betrekking tot scholing en/of employability van werknemers. Dit betreft uiteraard alleen vakopleidingen. Voor zover het werkgevers betreft, gaat het vooral om de arbeidsverhoudingen in de confectie-industrie;
  2. het bevorderen, opzetten en doen organiseren van opleidingen en/of cursussen met inbegrip van projecten betrekking hebbende op scholing en/of employability van werknemers. Dit betreft uiteraard alleen vakopleidingen. Voor zover het werkgevers betreft, gaat het vooral om de arbeidsverhoudingen in de confectie-industrie;
  3. het verstrekken van bijdragen ter bestrijding van of tegemoetkoming in de gemaakte kosten voor opleiding, onderwijs, vorming en scholing, her- en bijscholing. Alsmede het opzetten en (doen) organiseren van opleidingen en/of cursussen en betrekking hebbende op scholing en/of employability van werknemers. Dit betreft uiteraard alleen vakopleidingen. Voor zover het werkgevers betreft, gaat het vooral om de arbeidsverhoudingen in de confectie-industrie;
  4. het aanvragen van of bemiddeling verlenen ter verkrijging van subsidies of andere financiële middelen bestemd voor opleiding en scholing. Uiteraard alleen ten behoeve van de confectie-industrie.

Het OOC-fonds wil bedrijven actief ondersteunen bij het opzetten van een structureel opleidingsbeleid. Door een planmatige meerjarenaanpak wordt scholing een effectief managementinstrument. Een bedrijfsopleidingsplan is voorwaarde om in aanmerking te komen voor een ROS-subsidie.

Bestuursamenstelling
De helft van de bestuursleden wordt benoemd door de werkgeversorganisatie MODINT, ondernemersorganisatie voor mode, interieur, tapijt en textiel te Zeist en de andere helft door de werknemersorganisaties FNV Bondgenoten te Utrecht, CNV Bedrijvenbond te Houten en De Unie, vakbond voor industrie en dienstverlening te Culemborg.

Het bestuur van het OOC-fonds bestaat uit 3 werkgevers- en 3 werknemersleden, te weten:

Namens MODINT:
Mevrouw K. In 't Zandt-Schuman
Dhr. H. Slot
VACATURE

Namens FNV Bondgenoten:
Mevr. N. Nuijtens-van Aard

Namens CNV Bedrijvenbond:
Dhr. T. Katerberg

Namens De Unie:
mevrouw J. Rensen

Het secretariaat van het OOC-fonds is gevestigd te Zeist. Het secretariaat wordt gevoerd door mw. mr. N.L. Hofman, geassisteerd door mw. C. Eijsink-Terlien en mw. J. Prince (afd. communicatie)
Top

Scholingsbeleid
Voor werknemers en werkgevers

Zoals elke branche heeft ook de mode en interieursector continu goed opgeleide, vakbekwame mensen nodig. De vraag daarnaar zal de komende jaren - mede door de vergrijzing van de beroepsbevolking - alleen maar toenemen. Daar staat tegenover dat door snelle technologische - lees ict- ontwikkelingen de opleidingseisen zonder meer zwaarder zullen worden. Het OOC-fonds probeert dan ook via heldere voorlichting en actieve ondersteuning de juiste mensen voor de juiste functies te vinden.

  • Door potentiële werknemers, vooral jongeren dus, te wijzen op het brede scala aan opleidingen en de mogelijkheden daarna op de arbeidsmarkt.
  • Door huidige werknemers in de branche erop te wijzen dat ze via bepaalde vakcursussen naar andere, vaak hogere functies kunnen doorstromen. Niet alleen, omdat daarmee de vakkennis- en kunde binnen het bedrijf toeneemt. Ook omdat het volgen van opleidingen, cursussen en trainingen, zo is allang bewezen, het zelfvertrouwen van de werknemers vergroot en daarmee hun motivatie. Verder verstevigt het de concurrentiepositie van het bedrijf waar ze werken, een gegeven dat ook voor hun eigen positie en toekomst van direct belang is.
  • Door werkgevers ervan bewust te maken dat het goed opleiden van medewerkers niet alleen de kwaliteit van de bedrijfsvoering en daarmee vaak het bedrijfsrendement verbetert, maar dat dit met het oog op technologische en procesmatige veranderingen ook gewoon noodzakelijk is. Anders gezegd, door de scholingsbereidheid bij de aangesloten bedrijven te bevorderen. Daarnaast willen duidelijk maken dat indien men het maximale rendement uit scholing en opleiding wil halen, die op structurele, planmatige basis moeten plaatsvinden.
  • Door de branche zelf een moderner en inspirerender imago te geven en daardoor vooral voor jonge werknemers aantrekkelijker te maken. Medewerkers moeten er trots op zijn in ons (mooie) vakgebied hun brood te verdienen.

Het OOC-fonds richt zich niet enkel en alleen op de modesector, dus op die opleidingen en bedrijven die zich richten op dames-, heren-, kinder- ,sport- en vrijetijdskleding, bedrijfskleding en corporate image-kleding e.d.. Ook de sectoren gordijnenconfectie en de vervaardiging van tenten, tuinmeubelbekleding en huishoudtextiel vallen binnen het werkgebied.

Effecten van het OOC-fondsbeleid
Meer aandacht dus voor opleidingen, cursussen en trainingen in combinatie met een doordachte loopbaanplanning. Met als doelstelling een positief effect voor zowel de totale branche als voor het individuele bedrijf. Anders gezegd, opleiden en bijscholen betekent een investering in de toekomst van uw onderneming. Een investering die op termijn zal resulteren in een beter bedrijfsresultaat, gemotiveerdere werknemers en een versterkte concurrentiepositie.

Het imago van uw onderneming wordt versterkt, uw medewerkers zullen minder snel overstappen naar een andere bedrijfssector en u heeft de zekerheid over gekwalificeerde mensen te beschikken.

Bewustwordingsproces
Opleiden, bijscholen en trainen is een essentiële voorwaarde voor een florerende branche en de daarin opererende ondernemingen. De noodzaak tot scholing leeft echter nog te weinig bij zowel werkgevers als werknemers, zo blijkt steeds weer. En indien er wél aandacht voor is, manifesteert die zich vaak in ad hoc beslissingen en niet in een bewust gestructureerd beleid. Daarom wil het OOC-fonds ondernemingen actief ondersteunen met de volgende activiteiten:

  1. Activiteiten gericht op het verbeteren van het opleidingsniveau binnen het bedrijf.
  2. Activiteiten met betrekking tot voorlichting en PR.
  3. Activiteiten gericht op samenwerking met het onderwijs.

Top

Activiteiten van het OOC-fonds
Activiteiten gericht op het verbeteren van het opleidingsniveau binnen het bedrijf.

Het creëren van een opleidingsspecifieke HRM-functie binnen het bedrijf
Het OOC- fonds wil bedrijven nadrukkelijker wijzen op de noodzaak om eigen medewerkers (beter) op te leiden. Om dat te bereiken dient binnen de bedrijven de opleidingsfunctie versterkt te worden waardoor de expertise voor het (bij)scholen en opleiden van de eigen medewerkers wordt vergroot.

Per aangesloten bedrijf krijgt minimaal één werknemer een cursus aangeboden, waarmee hij/zij zich kennis en vaardigheden eigen maakt om zo de functie van opleidingsdeskundige in het bedrijf optimaal te kunnen uitvoeren. Het formuleren van het interne opleidingsbeleid, het opstellen van een BedrijfsOpleidingsPlan (BOP) en het vertalen hiervan naar een Persoonlijk Opleidingsplan (POP) staan centraal in de cursus. Tevens wordt aandacht besteed aan de betekenis van Eerder Verworven Competenties (EVC's) in het kader van de scholing van de medewerkers. Dat betekent dat de desbetreffende HRM (opleidings)functionaris kan bepalen welke knowhow en vaardigheden - competenties dus - al aanwezig zijn.

Top

Het Bedrijfsopleidingsplan (BOP)
Voor een systematische aanpak van opleiden is een BOP een noodzakelijk hulpmiddel. Hierin is de opleidingsbehoefte van het personeel vastgelegd en de wijze, waarop daarin voor het gehele bedrijf, de afdelingen of de individuele werknemers kan worden voorzien. Het plannen van scholing geeft ook de mogelijkheid om de financiële consequenties te spreiden en de eventuele vervanging te regelen. Het OOC-fonds stimuleert en motiveert confectiebedrijven om meer planmatig met opleidingen om te gaan. Een BOP is ook nodig om voor subsidie uit de ROS in aanmerking te komen.

In een BOP wordt vastgelegd wat er in een bepaalde periode op het gebied van opleidingen gaat gebeuren binnen uw organisatie. Het plan vermeldt onder meer wanneer welke medewerker tegen welke kosten welke opleiding/cursus gaat volgen. Dit overzicht biedt meteen de mogelijkheid een lijst van scholingsprioriteiten op te stellen en inzicht te krijgen in het totale kostenplaatje. Als bedrijf kunt u zelf bepalen op welke wijze uw bedrijfsopleidingsplan tot stand komt. Voorwaarde is echter, dat het opleidingsplan voldoet aan een aantal criteria en kwaliteitseisen.

Om u behulpzaam te zijn bij het opstellen van een BOP heeft het OOC-fonds een raamwerk voor het opstellen van een BOP voor de bedrijven ontwikkelt. Het OOC-fonds heeft een brochure inclusief het raamwerk klaar liggen op het secretariaat waarin u alles kunt lezen over het opstellen van een dergelijk plan.

Top

ROS-subsidieregeling
ROS staat voor Regeling OpleidingsSubsidies voor de Confectie-industrie. Met de ROS beoogt het OOC-fonds via een tegemoetkoming in de kosten het kennisniveau in de bedrijfstak te verhogen en te verbreden. De ROS is ook bestemd voor instituten in de branche die onderwijs verzorgen. Projecten ter "upgrading" van de bedrijfstak kunnen eveneens onder de ROS vallen.

De ROS-gelden zijn bestemd voor ondernemingen die premie betalen voor het Sociaal Fonds voor de Confectie-industrie. Er moet uiteraard ook premie betaald zijn voor de medewerker die de cursus volgt.

Voor welke kosten geldt de subsidie? Vooral de directe kosten, dus cursusgeld, examenkosten, lesgeld, boekengeld en materiaalkosten. Ook reiskosten komen voor subsidiëring in aanmerking. Aanvragen voor wettelijk voorgeschreven cursussen, workshops en congressen vallen doorgaans niet onder de regeling.

De subsidie kan tot maximaal 50% van de kosten oplopen. Indien er nog andere subsidiebronnen zijn, tellen deze mee voor dit maximum van 50%.

Het OOC-fonds voert de subsidieregeling uit. Zowel de werkgever als de werknemer kunnen deze subsidie aanvragen. Daarvoor is een aanvraagformulier voor de werkgever beschikbaar en een aanvraagformulier voor de werknemer. Deze kunnen ook besteld worden bij het kantoor in Zeist, telefoon 030 - 232 09 10. Indien u nadere informatie wenst kunt u ook hier terecht.
Let wel: voor het aanvragen van een ROS-subsidie moet een actueel bedrijfsopleidingsplan kunnen worden overlegd. De kosten voor het opstellen van een dergelijk plan vallen niet onder de ROS.

Activiteiten met betrekking tot voorlichting en PR
1. Voorlichtings-/imagocampagne

De juiste mensen voor de juiste functies, ook binnen onze branche is en blijft dat een belangrijk punt. Om die reden is het OOC-fonds medio 2004 onder de slogan WAT MAAK JIJ ERVAN? een brede publiciteitscampagne begonnen. Deze campagne richt zich met name op huidige werknemers en jongeren die zich oriënteren op hun toekomst.

De campagne omvat een breed scala aan informatiedragers: posters, kaarten, advertenties en - onontbeerlijk als je de jeugd wilt bereiken - een flitsende website: www.watmaakjijervan.nl Via deze website wordt uitgebreid voorlichting gegeven - zowel aan (potentiële) werknemers als werkgevers - over werken en leren in de mode- en interieurbranche.
Een andere doelstelling van de campagne is het eigentijdse, inspirerende en aansprekende karakter van de hele mode- en interieurbranche te laten zien. Moderne mensen willen een moderne werkomgeving. Het woord 'modern' is afgeleid van mode, dus als één branche als zodanig moet overkomen is het onze branche wel.

2. Informatieverstrekking over leren in de praktijk
Er gaapt nog steeds een kloof tussen wat men in het onderwijs leert en de dagelijkse bedrijfspraktijk. Om die kloof te dichten is het noodzakelijk goede informatie te geven over de methoden van het leren in de praktijk, dus op de werkplek. Om die reden ontwikkelen onderwijsinstellingen in samenwerking met het kenniscentrum beroepsonderwijs bedrijfsleven (LIFT Group) nieuwe methoden voor het praktijkleren. Het OOC-fonds stimuleert en ondersteunt deze ontwikkelingen en houdt de aangesloten bedrijven daarvan nauwkeurig op de hoogte, onder andere via de website.

Activiteiten gericht op samenwerking met het onderwijs
1. Deskundigheidsbevordering docenten MBO
Nog te weinig weet men in de bedrijfstak over wat er in de onderwijsinstellingen wordt gedoceerd en in het onderwijs wat er zich in de branche afspeelt. Via het organiseren van bedrijfsbezoeken voor docenten van het MBO proberen we de samenwerking tussen branche en onderwijs te versterken en de wederzijdse deskundigheid te vergroten.

2. Regionale bijeenkomsten voor bedrijven onderling en onderwijs
Om de interactie tussen bedrijfstak en onderwijsveld te vergroten en te intensiveren zullen regelmatig regionale bijeenkomsten worden georganiseerd. Op deze bijeenkomsten, waar bedrijven en VMBO- en MBO-scholen uit dezelfde regio elkaar ontmoeten, worden bedrijven gestimuleerd aandacht te besteden aan (bij)scholing, het beschikbaar stellen van stageplaatsen, het organiseren van open dagen en andere kennisverhogende activiteiten. Zo krijgen de betrokken scholen meer inzicht in de bedrijfsactiviteiten, de daaraan gekoppelde functies, het carrièreperspectief en de opleidingsmogelijkheden. Bedrijven krijgen zo meer inzicht in wat voor kennis er op de scholen is en wordt ontwikkeld.

3. Bijscholing van docenten VMBO, MBO, HBO
Een andere mogelijkheid om de aansluiting onderwijs-beroepspraktijk te verbeteren ligt in het aanbieden van zogenaamde clinics aan docenten. Tijdens deze clinics worden de docenten bijgeschoold op het gebied van actuele ontwikkelingen in de bedrijfstak. De clinics worden in samenwerking met het bedrijfsleven georganiseerd. De daaruit voortkomende kennis wordt onder meer in de vorm van lesbrieven via internet aangeboden.

4. Inzet deskundigen uit het bedrijfsleven
Ook door middel van gastcolleges op MBO- en HBO-onderwijsinstellingen door deskundigen uit het bedrijfsleven kan de aansluiting tussen het onderwijs en de beroepspraktijk worden verbeterd. Het OOC-fonds inventariseert de mogelijkheden.

Activiteiten gericht op samenwerking met het onderwijs
1. Deskundigheidsbevordering docenten MBO
Nog te weinig weet men in de bedrijfstak over wat er in de onderwijsinstellingen wordt gedoceerd en in het onderwijs wat er zich in de branche afspeelt. Via het organiseren van bedrijfsbezoeken voor docenten van het MBO proberen we de samenwerking tussen branche en onderwijs te versterken en de wederzijdse deskundigheid te vergroten.

2. Regionale bijeenkomsten voor bedrijven onderling en onderwijs
Om de interactie tussen bedrijfstak en onderwijsveld te vergroten en te intensiveren worden regelmatig regionale bijeenkomsten georganiseerd. Op deze bijeenkomsten, waar bedrijven en VMBO- en MBO-scholen uit dezelfde regio elkaar ontmoeten, worden bedrijven gestimuleerd aandacht te besteden aan (bij)scholing, het beschikbaar stellen van stageplaatsen, het organiseren van open dagen en andere kennisverhogende activiteiten. Zo krijgen de betrokken scholen meer inzicht in de bedrijfsactiviteiten, de daaraan gekoppelde functies, het carrièreperspectief en de opleidingsmogelijkheden.

3. Bijscholing van docenten VMBO, MBO, HBO
Een andere mogelijkheid om de aansluiting onderwijsberoepspraktijk te verbeteren ligt in het aanbieden van zogenaamde clinics aan docenten. Tijdens deze clinics worden de docenten bijgeschoold op het gebied van actuele ontwikkelingen in de bedrijfstak. De clinics worden in samenwerking met het bedrijfsleven georganiseerd. De daaruit voortkomende kennis wordt onder meer in de vorm van lesbrieven via internet aangeboden.

4. Inzet deskundigen uit het bedrijfsleven
Ook door middel van gastcolleges op MBO- en HBO-onderwijsinstellingen door deskundigen uit het bedrijfsleven kan de aansluiting tussen het onderwijs en de beroepspraktijk worden verbeterd. Het OOC-fonds inventariseert de mogelijkheden.

Top

De CAO
CAO-partijen vinden het van groot belang dat werkgevers en werknemers scholing en opleiding serieus nemen en goed op de hoogte zijn van de scholingsfaciliteiten die de CAO voor de Confectie biedt. Het hebben van vakbekwaam personeel en het up to date houden van hun kennis en vaardigheden is in de huidige tijd van schaarste op de arbeidsmarkt van essentieel belang voor de continuïteit van uw onderneming. Beide partijen, zowel u als werkgever als uw werknemers, zijn verantwoordelijk voor het optimaliseren van kennis en vaardigheden, nu en in de toekomst.

Top